Over Eventing

De Dutch Open Eventing behoort tot de absolute top van eventing wereldwijd.

De naam van het evenement doet al vermoeden dat het hier om paardensport van het allerhoogste niveau gaat.
Tijdens de Dutch Open Eventing doen de deelnemers gedurende vier dagen mee aan alle verschillende wedstrijdonderdelen en disciplines. Iedere dag wordt er gestreden in een andere discipline. 

Wij organiseren van 6 t/m 9 augustus 2020 een CCI1* intro, CCI2*S, CCI.3*S, CCI4*S en een CCI4*L.

Voor het eerst zullen we in 2020 gebruik maken van een geheel nieuwe route waarbij de CCI4*L als test wedstrijd wordt gezien voor de 5* die in 2021 op het programma staat. Wat onze wedstrijd zo bijzonder maakt is dat de bodem waarop de cross verreden wordt voor bijna 100% gedraineerd is. Dit betekent dat onder alle weersomstandigheden een stabiele en goede bodem wordt aangeboden wat veel minder risico tot blessures met zich meebrengt.
Met ons Internationale Jurycorps, professioneel bouwteam en fantastische locatie belooft 2020 een bijzondere editie te worden.
 

1. Dressuur
Het eerste onderdeel van Eventing is dressuur. Paard en ruiter rijden een verplichte vooraf aangegeven dressuurproef.
De verschillende onderdelen van de proef worden door twee of drie juryleden beoordeeld. Ieder jurylid zit op een andere plek langs de piste waarin de oefening wordt bekeken. Op deze manier kan de jury ieder detail van de oefening goed beoordelen.

Beoordeling
Iedere handeling tijdens een dressuurproef kan maximaal 10 punten opleveren. Maar als bepaalde handelingen niet juist wordt uitgevoerd, volgen er strafpunten. Aan het einde van de dressuurproef geeft de jury haar gemiddelde score van pluspunten in percentages. Daarnaast geeft de jury strafpunten voor onderdelen die niet goed gaan.  Deze strafpunten worden meegenomen naar het volgende onderdeel van eventing, de Cross Country.
De ‘ring’ waarin de dressuur wordt uitgevoerd is 20 bij 60 meter. Een dressuurproef duurt zo’n 7,5 minuut.

Het onderdeel Dressuur staat zowel op donderdag als op vrijdag op het programma.


2. Cross Country
De Cross Country is verreweg het zwaarste en meest spectaculaire onderdeel van eventing. Op het circa 4 kilometer lange parcours komen de deelnemers zo’n 30-35 hindernissen tegen. Het is een ware race tegen de klok. Iedere seconde dat een ruiter en paard later finishen dan de vooraf gestelde tijdslimiet levert 0,4 strafpunt op. Een ruiter moet binnen de gestelde tijd finishen, als hij/zij buiten de tijd finisht dan is elke seconde 0,4 strafpunten welke worden opgeteld bij de dressuur en springscore.


3. Springen
Na de fysieke inspanning van de Cross Country vraagt het laatste onderdeel, het springen, opperste concentratie en fitheid van paard en ruiter. Veel wedstrijden worden tijdens dit laatste onderdeel gewonnen of verloren. De druk is enorm groot op de laatste dag van eventing en dat speelt zeker mee bij paard en ruiter. Het parcours moet binnen een tijdslimiet worden afgelegd. Tel hierbij op dat er 4 strafpunten worden gegeven als een of meerdere balken van de hindernis worden afgestoten of wanneer de combinatie een weigering op een hindernis heeft. Het is duidelijk dat het spannend blijft tot de laatste sprong van de laatste rijder.